Tussentijden

Welke tussentijden er worden opgemeten en opgenomen in de uitslag is afhankelijk van het bad waarin gezwommen wordt.
In een 50 meter bad worden normaal gezien geen 50 meter tussentijden opgenomen (de tijdopnemer staat immers aan de andere kant van de keerpuntzijde). In een 25 meter bad wordt de 50 meter tijd opgenomen bij wedstrijden kleiner of gelijk aan 200m.

Bij rugslag worden normaal gezien geen tussentijden opgenomen. Een tussentijd kan immers enkel gelden als officiele tijd als de aankomst bij opname van de tijd reglementair is. Aangezien rugslag meestal met tuimelkeerpunt worden genomen (aankomst in buikligging), gelden die tijden niet want een aankomst rugslag moet in rugligging gebeuren.
Het is echter mogelijk om een aanvraag te doen bij de kamprechter (voor de wedstrijd) om tussentijden op te laten nemen bij rugslag. In dat geval moet de zwemmer bij de keerpunten in rugligging aantikken (dus geen tuimelkeerpunt maken).

Hier volgt een kort samenvatting van de tijden die normaal gezien opgenomen worden.

stijl afstand 25m bad 50m bad
vrije slag < of =200m 50 + 100 100
> 200m 100 + 200 + 400 + 800 100 + 200 + 400 + 800
rugslag < of =200m op aanvraag (normaal niet) op aanvraag (normaal niet)
individuele wisselslag 100m geen
(2 stijlen op eerste 50m)
niet van toepassing
200m 50 geen
400m 100 100
aflossingen
enkel tussentijden van
eerste zwemmer
4 x 100m VS 50 + 100 100
4 x 200m VS 50 + 100 + 200 100 + 200
4 x 100m WS 100 (rug) 100